Gezond gebouw als businesscase
Tijdens de Klimaattop Gebouwde Omgeving op 4 en 5 november worden op de stand van Gezond Binnen verschillende paneldiscussies gehouden. Wat kunnen bezoekers verwachten? We spreken erover met RenƩ van der Meer, Business Development Manager bij ATAG Benelux.
Thema: Gezond wonen
Deelnemers: ATAG ( RenƩ van der Meer), Gennu (Jeroen Koster), Hoedemakers ( Marc Hoedemakers)
5 november: 11.15 -12.00 uur
Voor Van der Meer is het glashelder: een gezond gebouw is niet alleen een maatschappelijke opgave, maar ook een slimme investering. Toch wordt de waarde van een gezond binnenklimaat volgens hem nog onvoldoende meegewogen in beleid, regelgeving en besluitvorming.
āBinnen GPR Gebouw zijn hogere normen vastgelegd voor duurzame gebouwen, waaronder het thema Gezondheid en Binnenklimaat. Deze normen liggen boven de eisen uit het Bouwbesluit. Het voldoen aan deze normen, levert extra financiĆ«le ruimte op, via bijvoorbeeld lagere leges of subsidies.
Wanneer dergelijke criteria worden meegenomen in aanbestedingen en projectontwikkeling, ontstaat er ruimte, lees een ābeloningā voor betere oplossingen op het gebied van ventilatie, luchtkwaliteit en gezondheid. Dat stimuleert innovatie en zorgt ervoor dat gezondheid daadwerkelijk onderdeel wordt van de afweging.ā
Volgens Van der Meer raakt dat de kern van de discussie. āVeel partijen in de bouwkolom investeren in een beter binnenklimaat, maar die inspanningen worden lang niet altijd beloond. Als beleidsmakers, opdrachtgevers en regelgevers gezondheid zwaarder laten meewegen, en dat dat op een of andere manier gewaardeerd wordt, ontstaat een sterkere businesscase voor gezonde gebouwen. Innovaties komen dan sneller beschikbaar en worden ook breder toegepast.ā
Op de agenda
Van der Meer hoopt daarom dat binnenmilieu nadrukkelijker op de agenda komt te staan. āHet zou mooi zijn als binnenmilieu wordt gezien als een waardepropositie in plaats van een kostenpropositie. De verantwoordelijkheid voor een gezond binnenklimaat ligt nu vaak bij afzonderlijke ketenpartners, terwijl de maatschappelijke baten veel breder neerslaan.ā
Dat maakt het onderwerp ook complex. āBij energiebesparende maatregelen zie je de opbrengst direct terug op de energierekening. De voordelen van een gezond binnenklimaat, zoals meer comfort, betere prestaties en minder gezondheidsklachten, zijn minder zichtbaar. Juist daarom moeten we die waarde beter inzichtelijk maken.ā
Volgens Van der Meer kan een vergelijking met het energielabel daarbij helpen. āEen energielabel maakt prestaties zichtbaar en beĆÆnvloedt keuzes van bewoners, beleggers en financiers. Als ook de kwaliteit van het binnenmilieu op een vergelijkbare manier wordt gewaardeerd, ontstaat vanzelf een sterkere prikkel om hierin te investeren.ā
Groeiende interesse
De markt kijkt volgens Van der Meer inmiddels anders naar binnenmilieu dan enkele jaren geleden. āDe belangstelling groeit. Tegelijkertijd worden woningen steeds compacter. Juist dan heeft de kwaliteit van het binnenklimaat meer invloed op comfort en gezondheid. Daardoor moet in de ontwerpfase al veel bewuster nagedacht over ventilatie, luchtkwaliteit en gezondheid.ā
āDe volgende stap is dat gezondheid niet alleen belangrijk wordt gevonden, maar ook daadwerkelijk wordt beloond in beleid, regelgeving en waarderingssystemen. Pas dan wordt een gezond binnenklimaat een vanzelfsprekend onderdeel van ieder gebouw.ā





